Onderwijspraktijk | (inter)nationale toepassingen UDL

“Niet zelf het wiel uitvinden, leren van elkaar.

Universal Design for Learning (UDL) kun je op verschillende manieren toepassen. Je kunt een hele module of leeromgeving opnieuw ontwerpen, maar ook klein beginnen met een andere werkvorm, toetsvorm of manier van begeleiden. Deze nationale en internationale voorbeelden van hogescholen en universiteiten laten zien hoe UDL er in de praktijk uit kan zien. Laat je inspireren door de verschillende aanpakken en ontdek welke ideeën passen bij jouw eigen onderwijspraktijk.

Voorbeelden uit de Nederlandse onderwijspraktijk

Onderwijsontwerp | werkvormen | Toetsing

Bij Hogeschool Leiden denken docenten bij het ontwerpen van lessen en modules bewust na over verschillende manieren waarop studenten kunnen leren. Ze beginnen bij de vraag wat studenten motiveert. Daarna kijken ze naar het leerproces, wat studenten nodig hebben en hoe de leerstof kan worden aangeboden. Tot slot bepalen ze op welke verschillende manieren studenten kunnen laten zien wat zij hebben geleerd. Dit leidt bijvoorbeeld tot ingesproken PowerPointpresentaties, een inhoudelijke check-in aan het begin van een module en meer vrijheid in de vorm van toetsen.

De studenten konden zelf toetsvragen bedenken die mogelijk in de eindtoets terechtkwamen. Volgens de docent leidde dit tot meer motivatie en actieve verwerking van de leerstof. Tegelijkertijd bleek dat studenten keuzevrijheid soms spannend vinden. Heldere kaders, planning en begeleiding blijven dus belangrijk. Ook verandert de docentrol: van vooral kennisoverdrager naar meer coachend begeleiden.

Wat laat dit zien?
UDL kan al bij het ontwerpen van één les of module worden toegepast. Door vanaf het begin verschillende mogelijkheden mee te nemen, wordt het onderwijs toegankelijker voor uiteenlopende studenten.

Lees meer

Toetsing | Studentparticipatie | Flexibilisering
Bij Leiden University College loopt het project Designing for diversity: Flexible assessments for university courses. Het project onderzoekt hoe studenten op verschillende manieren kunnen aantonen wat zij hebben geleerd, zonder dat dit ten koste gaat van de leerdoelen, de eerlijkheid van de beoordeling of de uitvoerbaarheid voor docenten.

Daarbij wordt niet alleen gekeken naar alternatieve toetsvormen, maar ook naar de voorwaarden waaronder flexibiliteit verantwoord kan worden ingebouwd in het toetsontwerp. Student-onderzoekers en student-assistenten worden gedurende het hele ontwikkelproces betrokken. Het project besteedt expliciet aandacht aan mogelijke belemmeringen voor onder andere neurodivergente en eerstegeneratiestudenten.

Wat laat dit zien?
Flexibiliteit in toetsing betekent niet dat iedere student iets anders hoeft te doen of dat de beoordelingscriteria veranderen. Door eerst scherp te bepalen wat studenten moeten aantonen, kun je vervolgens onderzoeken waar ruimte is voor verschillende manieren om dat te doen. Door studenten bij dit ontwerpproces te betrekken, worden bovendien drempels zichtbaar die voor docenten niet altijd vanzelfsprekend zijn.

Lees meer

Toetsing | Flexibilisering | Studiesucces
Bij een ICT-opleiding van Hogeschool Windesheim liep een groep studenten vast tijdens het afstuderen. Een groot deel van deze studenten had autisme. Binnen een experiment met flexibel en inclusief toetsen kregen studenten daarom de keuze tussen twee afstudeervormen: een eindverslag met presentatie of een assessment.

Bij het assessment reflecteren studenten wekelijks op hun voortgang en leveren zij iedere week een deelopdracht in. Hierdoor wordt het werk meer over de afstudeerperiode verdeeld. De mogelijkheid werd eerst aan een kleine groep aangeboden, maar bleek ook voor andere studenten waardevol. Daarom werd de keuze later beschikbaar voor alle studenten. Sinds de invoering studeren studenten sneller af dan voorheen.

Wat laat dit zien?
Een aanpassing die begint voor een specifieke groep kan uiteindelijk voordelen hebben voor veel meer studenten. Het leerdoel blijft hetzelfde, maar de manier waarop studenten daarnaartoe werken kan verschillen.

Co-creatie | Studentparticipatie | Onderwijsontwerp
Bij HBO-ICT van Hogeschool Windesheim ontwikkelden zeven studenten en drie docenten samen nieuw onderwijs voor de leerlijn Persoonlijk Leiderschap. De studenten waren nadrukkelijk geen doelgroep waar docenten onderwijs vóór ontwierpen, maar gelijkwaardige leden van het ontwikkelteam.

Na een uitgebreide kennismaking en gezamenlijke verkenning namen studenten steeds meer de regie. Zij bereidden de bijeenkomsten zelf voor, individueel of in duo’s. Ideeën en ervaringen werden verzameld zonder deze direct te beoordelen. Pas daarna werden de opbrengsten gezamenlijk vertaald naar een concreet lesprogramma. Zo bleek bijvoorbeeld dat studenten geen portfolio als eindproduct wilden; uiteindelijk werd gekozen voor een DevLog.

Bij de samenstelling en werkwijze van de groep was bewust aandacht voor diversiteit, gelijkwaardigheid en psychologische veiligheid. De ontwikkelgroep bestond onder andere uit neurodivergente en biculturele studenten. Docenten namen deel als gelijkwaardige gesprekspartner en moesten bereid zijn om ook zelf kwetsbaar te zijn, niet alle antwoorden te hebben en ideeën van studenten daadwerkelijk ruimte te geven.

De ervaringen laten tegelijkertijd zien dat co-creatie óók structuur nodig heeft. Studenten vonden het soms lastig dat het resultaat van al het praten en verkennen eerder nog niet zichtbaar was. Een duidelijk raamwerk en regelmatige uitleg over waar het proces naartoe gaat, kunnen daarbij houvast bieden. Studenten benoemden daarnaast de openheid en veiligheid van de groep als belangrijke kracht: verschillende manieren van denken en persoonlijke ervaringen kregen er ruimte.

Wat laat dit zien?
Studentparticipatie kan verder gaan dan feedback vragen op onderwijs dat al is ontworpen. Door studenten vanaf het begin als gelijkwaardige partners te betrekken, komen behoeften, voorkeuren en ideeën naar voren die docenten zelf mogelijk niet hadden voorzien. Diversiteit, veiligheid, gelijkwaardigheid en voldoende structuur zijn daarbij belangrijke voorwaarden.

Lees meer

Leeromgeving | Onderwijsontwerp | Flexibilisering
Binnen Saxion is meer aandacht gekomen voor verschillen in de manier waarop studenten leren. De lesstof wordt daarom steeds vaker op verschillende manieren aangeboden.

Die variatie is ook zichtbaar in de fysieke leeromgeving. Studenten kunnen bijvoorbeeld gebruikmaken van stilteruimtes, ontmoetingsplekken en leerateliers. Ook in het curriculum wordt rekening gehouden met verschillende manieren van leren. Volgens Saxion hebben deze aanpassingen bijgedragen aan een afname van het aantal langstudeerders.

Wat laat dit zien?
UDL gaat niet alleen over lesmateriaal of toetsing. Ook de inrichting van de leeromgeving kan studenten verschillende mogelijkheden bieden om tot leren te komen.

Leeruitkomsten | Flexibilisering | Onderwijsontwerp
Vanuit het InnovationLab van NHL Stenden worden modules en leereenheden ontwikkeld vanuit het uitgangspunt dat onderwijs toegankelijk moet zijn voor alle studenten en dat studenten op verschillende manieren leren.

De leeruitkomsten staan vast. De onderdelen waarmee studenten aan deze leeruitkomsten werken, kunnen variëren. Deze onderdelen worden binnen het InnovationLab aangeduid als ‘legoblokjes’. Welke onderdelen worden aangeboden en in welke volgorde, hangt af van de leervragen van studenten. Daarom start een traject met een uitgebreide intake. Omdat het programma ook online en zelfstandig te volgen is, kunnen studenten gedurende het hele jaar instromen. Voor studenten die behoefte hebben aan meer begeleide, cursorische ondersteuning zijn er één à twee instroommomenten per jaar.

Wat laat dit zien?
Vaste leeruitkomsten kunnen samengaan met flexibiliteit in de manier waarop studenten deze bereiken.

Hybride onderwijs | Flexibilisering | Leeruitkomsten
De deeltijdopleidingen van Avans Hogeschool werken met leeruitkomsten en leerwegonafhankelijk toetsen. Studenten krijgen een leerarrangement aangeboden waarin de leeruitkomst centraal staat.

Zij kunnen het hele leerarrangement volgen, alleen onderdelen kiezen die aansluiten bij hun leervraag of het leerarrangement loslaten. Daarnaast kunnen studenten kiezen tussen digitaal en fysiek onderwijs. Het uitgangspunt daarbij is dat het doel vaststaat, terwijl er ruimte is in de middelen waarmee een student dat doel bereikt.

Wat laat dit zien?
Flexibiliteit betekent niet dat alles vrij is. Duidelijke leeruitkomsten geven richting, terwijl studenten keuzemogelijkheden krijgen in hun leerroute.

Leeromgeving | Onderwijsontwerp | Implementatie
Bij NHL Stenden heeft een docent haar onderwijs vanuit UDL opnieuw ontworpen. Daarbij veranderde niet alleen het onderwijs, maar ook de fysieke leeromgeving.

Er kwamen verschillende ruimtes die aansluiten bij uiteenlopende activiteiten en behoeften, waaronder werkruimtes voor begeleiding, een stilteruimte, een open atelier en een technologielab.

Wat laat dit zien?
UDL kan de basis vormen voor een grotere, samenhangende verandering waarbij onderwijs, begeleiding en leeromgeving opnieuw worden ingericht.

Implementatie | Onderwijsontwikkeling | Professionalisering
Een volledig herontwerp is niet altijd nodig of haalbaar. Bij Maastricht University kiest docent Roy Erkens daarom voor een stapsgewijze aanpak.

Ieder jaar voert hij enkele kleinere veranderingen door in zijn cursussen. Zo kan hij nieuwe ideeën uitproberen zonder direct het hele onderwijs te veranderen. Werkt een aanpassing minder goed dan verwacht, dan blijven de gevolgen beperkt. Op deze manier wordt UDL geleidelijk onderdeel van de onderwijspraktijk.

Studenten konden een eindopdracht uitvoeren als presentatie, geschreven stuk, poster of video, waarbij ook peerfeedback en zelfreflectie werden gebruikt. Bij een andere toets maakten studenten zelf een antwoordsleutel en keken zij hun antwoorden na. Het interview maakt daarmee mooi zichtbaar dat Roy Erkens niet alleen stapsgewijs implementeert, maar ook echt het onderscheid maakt tussen het vaste leerdoel en een flexibele vorm.

Wat laat dit zien?
Je hoeft niet alles tegelijk te veranderen. Ook kleine, bewuste verbeteringen kunnen het onderwijs steeds toegankelijker en flexibeler maken.

Lees meer

Implementatie | Professionalisering | Kennisdeling
Hogeschool Rotterdam heeft een Werkplaats Inclusieve Pedagogiek en Didactiek ingericht. Docenten nemen hier een jaar lang in groepen aan deel en voeren een eigen experiment uit rond inclusieve pedagogiek en didactiek. Vier keer per jaar komen de deelnemers bij elkaar om ervaringen en successen uit te wisselen. Zij krijgen begeleiding en budget voor hun experiment. Een experiment wordt uitgevoerd door minimaal drie docenten, waardoor deelnemers actief collega’s betrekken. De werkplaats helpt goede voorbeelden binnen de organisatie te verspreiden. Tegelijkertijd blijkt dat blijvende ondersteuning belangrijk is: wanneer begeleiding en budget na een jaar stoppen, lukt het niet altijd om experimenten structureel voort te zetten.

Binnen het experiment rond student voice, konden studenten binnen een keuzevak zelf een onderwerp kiezen. Er werd ook onderzocht hoe afstudeerthesissen van ‘beelddenkers’ anders beoordeeld konden worden zonder concessies te doen aan de kwaliteit. Docenten kregen bovendien een workshop veranderkunde om hen te helpen hun experiment verder in de organisatie te verankeren.

Wat laat dit zien?
UDL en inclusief onderwijs worden makkelijker onderdeel van de organisatie wanneer docenten tijd, ruimte, ondersteuning en mogelijkheden voor kennisdeling krijgen.

Lees meer

Leermaterialen | Onderwijsontwerp | Digitale toegankelijkheid
Bij de HAN worden open leermaterialen ingezet om studenten informatie op verschillende manieren aan te bieden. Docenten kunnen bijvoorbeeld gebruikmaken van tekst, video, audio, infographics, kennisclips en interactieve werkvormen. Zo kunnen studenten kiezen welke vorm hen helpt om de leerstof te begrijpen.

Docenten hoeven deze materialen niet allemaal zelf te ontwikkelen. De HAN maakt gebruik van bestaande collecties en platforms voor open leermaterialen en werkt tegelijkertijd aan een gezamenlijke visie, professionalisering en een infrastructuur voor het vinden, delen en gebruiken van materialen.

Wat laat dit zien?
UDL hoeft niet te betekenen dat je als docent voor iedere student nieuw materiaal ontwikkelt. Door kwalitatieve leermaterialen in verschillende vormen beschikbaar te maken, kunnen meer studenten op een passende manier toegang krijgen tot dezelfde inhoud.

Lees meer

Leermaterialen | Onderwijsontwerp | Digitale leeromgeving
Bij de opleiding Informatica van Avans Academie Associate degrees bleek dat studenten moeite hadden met het onderdeel Fact Based Analyseren. Het bestaande materiaal was inhoudelijk goed opgebouwd, maar voor veel studenten te omvangrijk en te tekstgericht.

Het materiaal is daarom opnieuw ontworpen vanuit de UDL-principes. Studenten kunnen de inhoud nu op verschillende manieren tot zich nemen: via tekst, interactief webmateriaal en een webgeoriënteerde pdf. Daarnaast zijn onder meer flashcards, visuele ondersteuning en auditieve digital storytelling toegevoegd. Check-in- en check-outvragen helpen studenten om hun begrip en voortgang te volgen. Ook is gekozen voor een opbouw waarbij studenten eerst praktisch aan de slag gaan en zich daarna verder verdiepen in de theorie.

Wat laat dit zien?
Eén vorm van leermateriaal werkt niet voor iedere student. Door dezelfde inhoud op verschillende manieren toegankelijk te maken en praktijk en theorie bewust te combineren, kunnen meer studenten ermee uit de voeten.

Lees meer

Samenwerking | Neurodiversiteit | Communicatie

ICT-studenten van Hogeschool Utrecht werken tijdens het INNO-semester in multidisciplinaire Scrum-teams aan praktijkvraagstukken. Scrum biedt structuur en ritme, maar de opleiding zag ook dat intensieve, snelle en vooral mondelinge samenwerking voor sommige neurodivergente studenten extra belastend kan zijn.

Met behulp van UDL is daarom onderzocht hoe inclusief de onderwijseenheid en de samenwerking zijn. Studenten en docenten brachten hun eigen leervoorkeuren en leerstrategieën in kaart en gingen daarover met elkaar in gesprek. Vervolgens zijn verschillende verbeteringen ingezet. Zo wordt lesmateriaal in Canvas naast tekst ook aangeboden met beeld, video en audio, maken teams expliciete afspraken over samenwerking en is er een learning community rond UDL. Ook worden schriftelijke en asynchrone vormen van communicatie gezien als waardevolle aanvullingen op mondelinge Scrum-momenten.

Wat laat dit zien?
Een gestructureerde werkvorm is niet automatisch inclusief. Kijk ook naar de manier waarop studenten binnen die structuur moeten communiceren en samenwerken. Door verschillende manieren van deelnemen mogelijk te maken, kunnen meer studenten hun kwaliteiten inzetten.

Lees meer

Toetsing | Leerdoelen | Flexibilisering
Bij Hogeschool Viaa werd de toetsing van Professionele Persoonlijke Ontwikkeling opnieuw bekeken. Daarbij stond niet de bestaande toetsvorm centraal, maar de vraag wat studenten daadwerkelijk moeten aantonen.

In de nieuwe opzet kunnen studenten hun opdracht bijvoorbeeld schriftelijk of met een presentatie onderbouwen. Voor een ander onderdeel ontwerpen zij een ervaringsgerichte oefening waarvan zij zelf de vorm kunnen bepalen. Ook is kritisch gekeken of de vaardigheden die in de toets worden gevraagd voldoende in het onderwijs worden geoefend.

Wat laat dit zien?
Een geplande toetsherziening is een goed moment om ook naar inclusie te kijken. Maak onderscheid tussen wat een student moet aantonen en de vorm waarin dat gebeurt. Niet iedere vorm is noodzakelijk voor het bereiken of beoordelen van het leerdoel.

Toetsing | Neurodiversiteit | Studentparticipatie
Binnen de bachelor Filosofie van Tilburg University is kritisch gekeken naar de beoordeling van presentatievaardigheden. Daarbij is onderzocht welke impliciete normen achter beoordelingscriteria zitten. Is bijvoorbeeld oogcontact of variatie in stemgebruik noodzakelijk om het eigenlijke leerdoel aan te tonen?

Ook is gekeken of studenten tijdens het onderwijs voldoende mogelijkheden krijgen om presentatievaardigheden te oefenen. Op basis van ervaringen en feedback van studenten is de aanpak verder ontwikkeld en is meer flexibiliteit ingebouwd in een portfolio-opdracht. Studenten worden actief bij deze ontwikkeling betrokken, onder andere via een klankbordgroep waarin vooral neurodivergente studenten deelnemen.

Wat laat dit zien?
Beoordelingscriteria kunnen onbedoeld bepaalde manieren van communiceren als norm nemen. Door kritisch te kijken naar wat werkelijk bij het leerdoel hoort en studenten bij het ontwerp te betrekken, kan toetsing inclusiever worden.

Wat ervaren studenten bij UDL?

Studenten die onderwijs volgen waarin UDL-principes worden toegepast, waarderen vooral de afwisseling en de mogelijkheid om keuzes te maken. Ze noemen bijvoorbeeld groepsopdrachten, stiltewandelingen en praktijkgerichte gastcolleges als werkvormen die hen bijblijven. Ook vinden zij het prettig wanneer ze kunnen kiezen in welk onderwerp zij zich verdiepen of op welke manier zij laten zien wat ze hebben geleerd, bijvoorbeeld met een poster, documentaire of verslag.

Die keuzemogelijkheden kunnen beter aansluiten bij verschillende vaardigheden, voorkeuren en interesses. Studenten voelen zich daardoor vaker betrokken bij hun onderwerp of project en zijn gemotiveerder om zich ervoor in te zetten. Tegelijkertijd ontwikkelen zij vaardigheden zoals plannen, zelf keuzes maken, structuur aanbrengen en omgaan met minder vastomlijnde opdrachten. Dat zijn vaardigheden die ook buiten de opleiding van waarde zijn.

Keuzevrijheid werkt volgens studenten wel alleen goed binnen duidelijke kaders. Heldere leerdoelen, verwachtingen en beoordelingscriteria blijven belangrijk. Te veel vrijheid of onduidelijkheid kan juist onzekerheid veroorzaken. Ook past niet iedere toetsvorm bij ieder leerdoel. Wanneer vooral theoretische kennis moet worden aangetoond, kan een schriftelijk tentamen bijvoorbeeld passender zijn.

Ook de manier waarop studenten samenwerken en communiceren speelt een rol. Het helpt wanneer al vroeg aandacht is voor verschillende manieren van leren en voor afspraken over samenwerking en communicatie. Schriftelijke of asynchrone communicatie kan bijvoorbeeld een waardevolle aanvulling zijn op snelle mondelinge groepsinteractie.

Studenten betrekken bij het onderwerp
Studenten kunnen zelf belangrijke informatie geven over drempels in het onderwijs. Vraag daarom niet alleen achteraf om een algemene evaluatie, maar ga ook tijdens het onderwijs met studenten in gesprek over wat werkt, waar zij tegenaan lopen en wat zij nodig hebben. Betrek daarbij ook neurodivergente studenten actief bij het ontwikkelen en testen van aanpassingen. Juist studenten die vastlopen, een vak niet hebben gehaald of zijn uitgevallen, kunnen inzicht geven in belemmeringen die voor anderen minder zichtbaar zijn.

Wat laat dit zien?
UDL draait niet om zoveel mogelijk keuzevrijheid, maar om betekenisvolle keuzemogelijkheden binnen heldere kaders. Studenten hebben baat bij flexibiliteit en structuur. Door hen actief te betrekken bij het ontwerpen en verbeteren van onderwijs, kunnen bovendien drempels zichtbaar worden die anders gemakkelijk over het hoofd worden gezien.

Internationale voorbeelden

Inclusie | Toetsing | Flexibilisering
Een opleiding voor Aboriginal and Torres Strait Islander Education Officers werd vanaf het ontwerp ingericht met aandacht voor culturele veiligheid, passende communicatie en aansluiting bij de beroepspraktijk. Studenten konden onder meer mondeling via assessment yarning aantonen wat zij hadden geleerd, naast schriftelijke toetsvormen. Ook werd rekening gehouden met verschillende omstandigheden en behoeften van studenten.

Wat laat dit zien?
UDL gaat niet alleen over verschillen in leren, maar ook over achtergrond, taal en cultuur. Door verschillende manieren van communiceren, leren en beoordelen mogelijk te maken, kan onderwijs beter aansluiten bij een diverse studentenpopulatie.

Flexibilisering | Hybride onderwijs | Studentregie
In een bachelorvak met ongeveer 400 studenten konden studenten op verschillende manieren deelnemen: via wekelijkse lessen op locatie, online lessen, opgenomen lessen of intensieve lesdagen op de campus. Ook tijdens online onderwijs waren er meerdere manieren om bij te dragen, bijvoorbeeld mondeling, via de chat of anoniem via een digitaal whiteboard.

Studenten gaven aan dat deze flexibiliteit hielp om onderwijs te combineren met bijvoorbeeld werk, zorgtaken en persoonlijke omstandigheden. Opnames maakten het bovendien mogelijk om informatie te pauzeren, terug te kijken en in een eigen tempo te verwerken.

Wat laat dit zien?
Er is niet één ideale manier om aan onderwijs deel te nemen. Door meerdere volwaardige mogelijkheden te bieden, kunnen studenten kiezen wat op dat moment het beste past bij hun leerbehoeften en omstandigheden, terwijl de leerdoelen hetzelfde blijven.

Leermaterialen | Digitale toegankelijkheid | Studiesucces
In een groot eerstejaarsvak werden traditionele opgenomen hoorcolleges aangevuld met korte video’s, interactieve leeractiviteiten en toegankelijke tekstversies. De video’s waren ondertiteld en studenten konden de afspeelsnelheid aanpassen. De interactieve activiteiten boden studenten directe feedback.

Tekstversies die aanvankelijk vooral vanuit toegankelijkheid waren ontwikkeld, bleken ook voor andere studenten bruikbaar, bijvoorbeeld bij het maken van aantekeningen of bij de voorbereiding op lessen. De vernieuwde aanpak ging samen met meer gebruik van het lesmateriaal, hogere gemiddelde cijfers en een hogere studenttevredenheid.

Wat laat dit zien?
Materiaal dat toegankelijker wordt ontworpen voor studenten met specifieke behoeften kan voor veel meer studenten voordelen hebben. Door dezelfde inhoud in verschillende vormen en in behapbare onderdelen aan te bieden, krijgen studenten meer mogelijkheden om informatie te verwerken.

Ondersteuning | Technologie | Individuele aanpassingen
Deze praktijkcase beschrijft een student met een fysieke beperking voor wie een passende leeromgeving werd ontwikkeld door UDL te combineren met ondersteunende technologie en individuele aanpassingen. De student maakte onder meer gebruik van speech-to-text, mindmappingsoftware en digitale communicatiemiddelen. Ook waren verschillende manieren van deelname aan het onderwijs mogelijk.

Het uitgangspunt bleef steeds hetzelfde: de leerdoelen veranderden niet, maar de middelen en manieren waarmee de student deze kon bereiken werden waar nodig aangepast.

Wat laat dit zien?
UDL neemt niet alle behoefte aan individuele ondersteuning weg. Een inclusief basisontwerp kan veel belemmeringen verminderen, maar sommige studenten blijven aanvullende technologie of persoonlijke aanpassingen nodig hebben. UDL en maatwerk vullen elkaar daarmee aan.

Onderwijsontwerp | Implementatie | Digitale leeromgeving
De University of Sydney ontwikkelde een praktische aanpak om UDL toegankelijk te maken voor docenten. Daarbij staan vijf vragen centraal: wie zijn onze studenten, wat moeten zij leren, welke belemmeringen ervaren zij, welke oplossing kunnen we proberen en hoe beoordelen we vervolgens of die oplossing werkt?

Docenten richten zich eerst op één concrete belemmering. In een vak Farmacie bleek bijvoorbeeld dat studenten moeite hadden om in Canvas te vinden wat zij voorafgaand aan een practicum moesten doen. De navigatie en informatievoorziening werden verbeterd. Daarna kwam volgens de beschreven case 100% van de studenten met het voorbereidende werk afgerond naar het practicum.

Wat laat dit zien?
Je hoeft niet direct een volledig vak of curriculum volgens UDL te herontwerpen. Begin bij een concrete belemmering die studenten ervaren, pas het ontwerp gericht aan en kijk vervolgens wat het effect is. Zo wordt UDL praktisch en behapbaar.

Internationalisering | Digitale toegankelijkheid | Onderwijsontwerp
RMIT past UDL toe binnen voorbereidende programma’s voor internationale studenten. Veel van deze studenten spreken Engels niet als eerste taal en moeten tegelijkertijd wennen aan een nieuw onderwijs- en schoolsysteem.

Daarom is onder meer aandacht voor duidelijke en voorspelbare structuur, digitaal toegankelijke materialen, ondertiteling en het beperken van onnodige cognitieve belasting. Ook wordt kritisch gekeken naar het aantal digitale systemen en omgevingen waarmee studenten moeten werken. De aanpak bevindt zich nog in de implementatiefase. Op het moment waarop de case werd beschreven, waren er daarom nog geen duidelijke effecten op studiesucces vastgesteld. Wel waren veranderingen zichtbaar in de manier waarop docenten naar toegankelijkheid en onderwijsontwerp kijken.

Wat laat dit zien?
UDL kan ook helpen bij drempels die ontstaan doordat studenten nieuw zijn in een taal, cultuur of onderwijssysteem. Duidelijkheid, toegankelijkheid en het beperken van onnodige complexiteit maken het onderwijs gemakkelijker te gebruiken voor een bredere groep studenten.

*: Bekijk hier de zes UDL-cases bij ADCET

Toetsing | Leermaterialen | Studentregie
Bij het National College of Ireland hebben tientallen docenten na UDL-professionalisering onderdelen van hun onderwijs opnieuw ontworpen. Studenten kregen bijvoorbeeld de keuze om individueel of in een groep te werken, of een opdracht schriftelijk of als opgenomen videopresentatie in te leveren. Andere docenten boden cursusinhoud aan als tekst en beeld, of lieten studenten kiezen tussen lezen, kijken en luisteren. Tijdens lessen konden studenten bijdragen via de microfoon, chat of Mentimeter.

Binnen mastervakken Economie werd UDL bovendien toegepast op de summatieve toetsing van een diverse internationale studentengroep met uiteenlopende voorkennis.

Wat laat dit zien?
UDL hoeft niet één grote onderwijsvernieuwing te zijn. Op verschillende momenten kun je studenten betekenisvolle keuzemogelijkheden bieden: bij het verkrijgen en verwerken van informatie, het deelnemen aan onderwijs en het aantonen van wat zij hebben geleerd.

Lees meer over UDL bij National College of Ireland
Lees meer over toetskeuze en studentregie

Professionalisering | Implementatie | Kennisdeling
De Universiteit Gent organiseerde een UDL-coachingstraject waarin docenten uit verschillende faculteiten hun eigen onderwijs onderzochten. In groepen van maximaal twintig deelnemers kwamen zij vier keer per jaar bij elkaar. Ze bekeken onder meer hoe studiemateriaal was opgebouwd en hoe colleges, oefeningen en toetsing met relatief kleine aanpassingen toegankelijker konden worden. Deelnemers wisselden hun ervaringen en ideeën met elkaar uit.

Wat laat dit zien?
UDL hoeft niet als vast onderwijsconcept van bovenaf te worden ingevoerd. Door docenten hun eigen onderwijs te laten onderzoeken, kleine veranderingen uit te proberen en ervaringen te delen, kan UDL geleidelijk onderdeel worden van de onderwijspraktijk.

Lees meer over het coachingstraject van Universiteit Gent

Bekijk ook hier Vlaamse praktijkvoorbeelden en materialen vanuit verschillende onderwijssectoren

Je kennis en ervaringen delen?

Deel ook jouw verhaal!