Artikel | Wat is inclusief onderwijs?

Visie ECIO op inclusief onderwijs

Uitgangspunten

Inclusief onderwijs betekent dat elke student zich thuis voelt op de universiteit, hogeschool of mbo-instelling en er een veilig studieklimaat heerst. Inclusief onderwijs is onderwijs dat zich aanpast aan de student in plaats van dat de student zich aanpast aan het geldende systeem.

Aspecten

  • Studenten met én zonder ondersteuningsbehoefte leren en studeren samen.
  • Diversiteit wordt gezien als de norm. Dit betekent dat er bij voorbaat wordt uitgegaan van een studentenpopulatie zonder en mét ondersteuningsbehoefte en dat het onderwijs hierop is ingericht. Zodat je als student met een ondersteuningsbehoefte geen aanpassingen of extra voorzieningen nodig hebt. In de praktijk betekent dit dat je een gebouw op voorhand al rolstoeltoegankelijk maakt, in plaats van dat er aanpassingen worden gedaan wanneer belemmeringen worden ervaren.

Algemene toegankelijkheid

Alle onderdelen van het onderwijssysteem moeten toegankelijk zijn voor studenten met een ondersteuningsbehoefte. Zoals onderwijs- en toetshulpmiddelen, gebouwen, vervoer, mogelijkheden voor een aangepaste studieplanning, begeleiding en advies met aanbod van cursussen of trainingen en hulp bij overgang naar stage en/of werk. Deze zijn van belang voor een veilige en positieve leeromgeving. We richten ons daarbij op acht inclusie-elementen die bijdragen aan het vergroten en borging van inclusief onderwijs. Studenten met een ondersteuningsbehoefte, die zoeken naar informatie over mogelijke voorzieningen, aanpassingen en regelgeving rondom studeren met een ondersteuningsbehoefte, kunnen dit vinden op onbelemmerdstuderen.nl.

Medisch versus sociaal model

In de huidige maatschappij zijn wij gewend om onze samenleving en het onderwijs in te richten op basis van hoe de meeste mensen zijn. Personen die hier van afwijken moeten zich zoveel mogelijk aanpassen en hulp krijgen om ook mee te kunnen doen. Bijvoorbeeld op de onderwijsinstelling waar studenten met een beperking aanspraak kunnen maken op extra hulp of voorzieningen. Zodat ze op dezelfde wijze kunnen deelnemen als een student zonder beperking. Om die reden krijgen studenten met ADHD bijvoorbeeld vaak medicatie zodat zij zich op dezelfde manier kunnen concentreren als studenten zonder ADHD. Hierbij wordt vaak gedacht vanuit het medische model: een mens met een beperking wijkt af van hoe de meeste mensen zijn en moet extra hulp krijgen om mee te kunnen doen met de meerderheid. Wij gaan uit van het sociaal model: een student met een beperking is net zoals iedereen, een variant van de mens. Diversiteit, waarbij ruimte wordt gegeven aan verschillen, is niet alleen een morele plicht maar ook van belang om de samenleving beter te bedienen. Het VN-verdrag inzake personen met een handicap, dat sinds 2016 in Nederland van kracht is en uitgaat van toegankelijkheid, persoonlijke autonomie en participatie, is feitelijk gebaseerd op het sociale model.

VN-verdrag Handicap

In 2016 is het VN-verdrag in Nederland geratificeerd. Waardigheid en inclusie zijn de belangrijkste speerpunten van het verdrag. Inclusie betekent dat iedereen kan meedoen en kan bijdragen aan de samenleving. Daarom is het recht op onderwijs een belangrijk onderdeel van het verdrag. Het recht op onderwijs betekent dat je niet uitgaat van moeilijkheden maar van talenten en kansen. Met toegankelijkheid, persoonlijke autonomie en volledige participatie als uitgangspunten. ECIO faciliteert en ondersteunt hoger onderwijs- en mbo-instellingen bij het implementeren en borgen van de doelstellingen van het VN-verdrag.

Toegankelijkheid, persoonlijke autonomie, volledige participatie en gelijkheid

  • Afbeelding 1: De aanname is dat iedereen profiteert van dezelfde steun: gelijke behandeling.
  • Afbeelding 2: Iedereen krijgt de steun die hij nodig heeft, wat billijkheid oplevert.
  • Afbeelding 3: Alle 3 kunnen ze het spel zien zonder ondersteuning of aanpassingen omdat de oorzaak van de ongelijkheid is aangepakt. De systemische barrière is verwijderd.

Onderwijs inclusief maken is niet makkelijk. Het vraagt om draagkracht in de hele onderwijsinstelling, kennis van toegankelijkheid en samenwerking. Een hulpmiddel in dit proces is het VN-verdrag inzake de rechten van personen met een handicap dat in 2006 is opgesteld. Dit is het eerste juridisch bindend internationale verdrag dat de rechten van personen met een handicap beschermt en heeft als doel om de positie van personen met een beperking te verbeteren door een inclusieve samenleving te creëren.