Terugblik | Bijeenkomst Digitale Toegankelijkheid
| 5 oktober 2026 | Netwerk Digitale Toegankelijkheid

Op 5 oktober kwam het netwerk digitale toegankelijkheid online bijeen met deelnemers uit mbo, hbo en wo. Op de agenda stonden landelijke ontwikkelingen, praktijkvragen en de koers richting 2027.
Wetgeving komt dichterbij
Ieder(in) gaf een update over de politieke ontwikkelingen rond digitale toegankelijkheid. Een belangrijk aandachtspunt is de vraag hoe digitale toegankelijkheid steviger wettelijk kan worden verankerd in onderwijs en zorg. Daarbij wordt gekeken naar verschillende routes, bijvoorbeeld via bestaande wetgeving of door digitale toegankelijkheid expliciet op te nemen in onderwijswetten.
Ook kwamen twee recent aangenomen moties aan bod: één over scherper toezicht op digitale toegankelijkheid bij de overheid en één over het toepassen van WCAG-richtlijnen in de zorg. De verwachting is dat ook voor het onderwijs de vrijblijvendheid de komende jaren verder afneemt. Voor instellingen is het daarom belangrijk om nu al te investeren in toegankelijk beleid, systemen en inkoop.
Toegankelijke leermiddelen: meer dan techniek alleen
Stichting Accessibility deelde eerste inzichten uit onderzoek naar de toegankelijkheid van leermiddelen in het funderend onderwijs. Daarbij wordt niet alleen gekeken naar websites of software, maar naar de hele gebruikersreis: van aanschaf en techniek tot daadwerkelijk gebruik door leerlingen en studenten. Ook de lange ontwikkeltijd van leermiddelen speelt hierin een rol.
ECIO lichtte daarnaast het AEF-onderzoek toe naar maatwerk- en financiële voorzieningen in het hoger onderwijs. Daaruit komen onder meer verschillen naar voren in informatievoorziening, bewijslast, beoordeling en nazorg. Die verschillen kunnen leiden tot ongelijke toegankelijkheid en extra administratieve belasting voor studenten.
Voorleessoftware: geen one-size-fits-all
Een concreet praktijkvraagstuk kwam van Hogeschool Zeeland, dat ervaringen ophaalde met voorleessoftware. Instellingen werken onder meer met ClaroRead, IntoWords, ReadSpeaker, NVDA en verschillende toetsoplossingen.
De uitwisseling maakte vooral duidelijk dat er niet één passende oplossing is voor iedere student. Er is bovendien een belangrijk verschil tussen voorleessoftware en schermlezers. Voor blinde en zeer slechtziende studenten kan het noodzakelijk zijn om te werken met vertrouwde, eigen software, zeker tijdens toetsen. Ook de manier waarop instellingen dit technisch en organisatorisch regelen verschilt: van vaste toetscomputers tot BYOD-oplossingen.
In de onderlinge uitwisseling kwam daarbij nog een herkenbaar knelpunt naar voren: ondersteuningsmogelijkheden zijn binnen instellingen vaak wel beschikbaar, maar worden niet altijd door docenten gebruikt. Daardoor kan digitale toegankelijkheid te afhankelijk worden van individuele keuzes van docenten of medewerkers.
De deelnemers ontvingen het uitgebreide verslag met alle besproken ontwikkelingen, praktijkvoorbeelden en vervolgstappen.
Spreekuur digitale toegankelijkheid: 7 december 2026
Na deze bijeenkomst staat er dit jaar nog een online moment gepland: op 7 december 2026 van 11.00 tot 12.00 uur vindt het spreekuur digitale toegankelijkheid plaats. Een laagdrempelig moment om vragen uit de praktijk te bespreken, ervaringen uit te wisselen en van elkaar te leren.