Proeftuinen | Inclusief onderwijs concreet in de praktijk

Veel opleidingen worstelen met de vraag: hoe maak je onderwijs daadwerkelijk inclusiever? In vier proeftuinen gingen we met verschillende onderwijsinstellingen aan de slag met precies deze vraag. Niet door individuele aanpassingen te bedenken, maar door te ontwerpen vanuit diversiteit. Het resultaat: concrete verbeteringen in lesmateriaal en samenwerking, meer flexibiliteit en meer vertrouwen. En misschien wel een van de belangrijkste inzichten is dat kleine, doordachte ontwerpkeuzes vaak al een groot verschil maken.
Proeftuin 1 | Analyseren – Avans Hogeschool
“Van ‘te tekstueel’ naar informatie die landt”
Binnen de opleiding Informatica (Avans Academie Associate degrees) is analyseren een belangrijk onderdeel. Uit evaluaties bleek echter dat veel studenten vastliepen op het formuleren van beweringen (onderdeel van fact based analyseren). Het leermateriaal was inhoudelijk sterk, maar voor veel studenten te omvangrijk en te tekstueel, waardoor het onvoldoende werd gebruikt of begrepen.
Wat hebben we gedaan?
Het team herontwierp het leermateriaal vanuit een inclusief UDL-uitgangspunt, waarbij meerdere manieren van representatie, actie en expressie en betrokkenheid centraal stonden. Met behulp van de ontwerptool INclics werden passende bouwstenen gekozen en uitgewerkt.
Het herontwerp heeft ertoe geleid dat het volledige leermateriaal voor Fact Based Analyseren webgeoriënteerd is uitgewerkt in drie verschillende vormen:
- Tekstueel
- Interactief webgeoriënteerd (SCORM)
- Webgeoriënteerd als PDF
Daarnaast werden flashcards, visuele ondersteuning en digital storytelling (auditieve begeleiding) toegevoegd. Ook zijn check-in en check-out vragen opgenomen, zodat studenten hun begrip en voortgang kunnen monitoren.
Wat leerden we hiervan?
- Eén format werkt niet voor ieder brein. Studenten verschillen sterk in hoe zij informatie verwerken, en keuzevrijheid verlaagt drempels.
- Technologie is pas waardevol als de didactiek klopt. Het gaat niet om meer aanpassingen, maar om slimmer ontwerpen.
- Eerst doen en daarna begrijpen werkt. Door de praktijk centraal te stellen, werd het leren betekenisvoller.
Proeftuin 2 | Samenwerken – Hogeschool Utrecht
“Samenwerken met oog voor neurodiversiteit”
Bij Hogeschool Utrecht werken ICT-studenten in het INNO-semester in multidisciplinaire teams aan echte innovatievraagstukken. Scrum biedt structuur en ritme, maar in de praktijk bleek ook: samenwerken kan voor neurodivergente studenten extra energie kosten, zeker als communicatie vooral mondeling, snel en groepsgericht is.
Wat hebben we gedaan?
In deze proeftuin is het samenwerkingsontwerp langs de UDL-richtlijnen gelegd. Daarbij zijn ervaringen van studenten en docenten expliciet meegenomen. Een pilotonderzoek (MILS) hielp om leervoorkeuren en leerstrategieën zichtbaar te maken, waarna teams hierover met elkaar in gesprek gingen.
Daaruit volgden meerdere initiatieven, zoals:
- Een workshop omgaan met neurodiversiteit voor medewerkers (onder andere MILS, UDL en INclics);
- De INclics-snelscan om het onderwijs te evalueren en een ‘product backlog’ met verbeterstappen op te stellen;
- Het verrijken van de digitale leeromgeving (niet alleen tekst, maar ook beeld en audio);
- Het maken van teamafspraken over samenwerking en bespreekbaar maken van neurodiversiteit;
- Een learning community rondom UDL.
Wat leerden we hiervan?
- Studenten gaven aan dat het enorm helpt wanneer er vroeg in de opleiding aandacht is voor hoe zij leren en hoe zij daar samen afspraken over kunnen maken.
- Het is belangrijk om te realiseren dat leervoorkeuren en leerstrategieën van de docent ook invloed hebben op het onderwijsontwerp en de uitvoering daarvan. Meer rekening houden met verschillende leerstrategieën is daarom essentieel.
- Scrum helpt, maar is niet automatisch inclusief. Ritme en structuur zijn fijn, maar veel ceremonies zijn “extrovert-biased”. Door bewust variatie aan te brengen, bijvoorbeeld met schriftelijke en asynchrone vormen van communicatie, kan uitsluiting worden voorkomen.
Proeftuin 3 | Toetsing van professionele ontwikkeling – Hogeschool Viaa
“De huidige toetsvorm schiet zijn doel voorbij, hoe kunnen we dat anders doen?”
Bij Hogeschool Viaa is de Professionele Persoonlijke Ontwikkeling (PPO) een belangrijk onderdeel van een opleiding. De PPO was onlangs al eens herzien, met positieve effecten, maar er bleef ruimte voor verbetering bij de toetsing.
Wat hebben we gedaan?
Tijdens een sessie van één dagdeel is de huidige toetsing van PPO besproken en geanalyseerd. De knelpunten werden helder, waarna gezamenlijk is verkend hoe deze opgelost kunnen worden. Daarbij is vanaf het begin meegenomen hoe de toetsvorm toegankelijk gemaakt kan worden voor een zo breed mogelijke groep studenten. Dat heeft er bijvoorbeeld toe geleid dat we in de opzet voor de nieuwe toetsvorm meegenomen hebben dat studenten hun opdracht schriftelijk of via een presentatie kunnen onderbouwen. Voor een ander onderdeel moeten de studenten een ervaringsgerichte oefening ontwerpen, welke qua vorm ook vrij te bepalen is. Hiermee is veel ruimte gecreëerd voor studenten om hun kennis en kunde op een bij hen passende manier aan te tonen. We hebben ook kritisch gekeken naar wat moeten studenten aantonen bij de toetsvorm en in hoeverre worden ze daar (met oefeningen) op voorbereid.
Wat leerden we hiervan?
- Een reeds geplande toetsherziening is een goed moment om ook vanuit inclusieperspectief naar de voorgestelde wijzigingen te kijken. Als je toch een toets gaat herzien, kun je direct meenemen hoe deze zo ontworpen kan worden dat een zo groot mogelijke groep studenten ermee uit de voeten kan, zonder extra voorzieningen.
- Als de knelpunten goed in kaart zijn gebracht, ontstaan er vaak vanzelf ideeën om het onderwijs inclusiever te maken. De richtlijnen van het UDL-raamwerk kunnen daarbij helpen.
- Soms vragen we vaardigheden van studenten, zoals het schrijven van een verslag, die in de cursus of het voorgaande curriculum onvoldoende geoefend zijn. Het is daarom belangrijk om kritisch te kijken naar de vooronderstellingen in een toetsvorm en waar nodig extra oefenmogelijkheden te bieden.
Het gezamenlijke gesprek over de toets leverde inzicht op in waar kansen lagen om de toetsvorm inclusiever te maken.
Proeftuin 4 | Doorontwikkeling neuro-inclusieve presentatievaardigheden – Tilburg University
“We kunnen blijven leren van de ervaringen van studenten”
Binnen de bachelor Filosofie aan Tilburg University waren al stappen gezet om de beoordeling van presentatievaardigheden neuro-inclusiever te maken door middel van een onderwijsinnovatie. Enerzijds zijn de beoordelingscriteria kritisch herzien en is expliciet gemaakt welke normen schuilgaan achter criteria zoals variatie in stemgebruik en oogcontact met het publiek. Anderzijds is gekeken naar de manier waarop studenten tijdens de cursus daadwerkelijk de ruimte krijgen om te oefenen en presentatievaardigheden te ontwikkelen. Op basis hiervan is de beoordeling van presentatievaardigheden voor de cursus destijds grondig herzien. In het afgelopen jaar richtte deze proeftuin zich vooral op hoe je vervolgens informatie bij studenten op kunt halen om, daar waar nodig, de innovatie verder te finetunen.
Wat hebben we gedaan?
We hebben een aantal sessies gehad waarin we onder andere hebben gereflecteerd op de vraag hoe je waardevolle feedback van studenten verzameld. We hebben daarvoor eerst de aanpassingen die zijn doorgevoerd opgetekend, vervolgens een plan gemaakt hoe feedback te verzamelen en uiteindelijk zijn we n.a.v. de feedback in gesprek gegaan over de kansen en mogelijkheden die eruit naar voren kwamen voor verdere doorontwikkeling van de cursus. Dit heeft geleid tot een portfolio-opdracht waarin nog meer flexibiliteit is ingebouwd.
Wat leerden we hiervan?
- Vraag studenten tussentijds hoe zij de cursus ervaren, wat zij interessant vinden, waar zij meer over willen leren en wat zij nodig hebben. Dit maakt het mogelijk om tijdens het semester bij te sturen en vergroot de betrokkenheid van studenten bij hun eigen leerproces.
- Betrek studenten actief bij het ontwikkelen van een pilot of innovatie. Voor deze innovatie werken de docenten bijvoorbeeld met een klankbordgroep bestaande uit (voornamelijk) neurodivergente studenten.
- Juist studenten die zijn uitgevallen of de cursus niet hebben gehaald, kunnen waardevolle inzichten geven in waar de cursus knelt. Studieadviseurs en studentendecanen kunnen hierbij een belangrijke rol spelen. Het is belangrijk dat docenten inspelen op de signalen die studenten geven.
