CLEAR-model | organiseren van studentenparticipatie

groep studenten achter een laptop

01 november 2021

Het CLEAR-model van Lowndes, Pratchett en Stoker (2006) kan een hulpmiddel zijn om de participatie van studenten zo effectief mogelijk te organiseren.
In het VN-verdrag staat als algemene verplichting dat ervaringsdeskundigen betrokken moeten worden bij het ontwikkelen en implementeren van beleid (artikel 4, derde lid). Het uitgangspunt van het VN-verdrag is daarom ook: “Niets over ons, zonder ons. De participatie van ervaringsdeskundigen kan je op verschillende manieren organiseren, het CLEAR-model kan daarbij ondersteunen.

Organiseren van effectieve studentenparticipatie

Het CLEAR-model geeft je inzicht in de belemmeringen en wat nodig is voor het organiseren van effectieve studentenparticipatie. CLEAR is een acroniem gevormd uit de eerste letters van relevante factoren: Can do, Like to, Enabled to, Asked to, Responded to. Hieronder worden deze factoren toegelicht met een aantal good practices van participatie op Nederlandse hoger onderwijsinstellingen. De good practices laten zien dat onderwijsinstellingen al veel rekening houden met barrières en facilitators voor studentenparticipatie. Buiten deze voorbeelden gebeurt er nog veel meer op het gebied van studentenparticipatie.

Can do:

Studenten, moeten kunnen participeren. Gebrek aan tijd, geld of vaardigheden kunnen een belemmering zijn voor participatie. Studenten met een beperking of ondersteuningsvraag besteden gemiddeld ruim een uur meer aan zelfstudie per week dan studenten zonder beperking of ondersteuningsvraag (Van den Broek et al., 2020). Dit kan betekenen dat studenten met een beperking minder tijd overhouden om actief te participeren in bijvoorbeeld klankbordgroepen.

De factor “Can do” laat ook zien dat een financiële compensatie invloed kan hebben op participatie. De tijd dat een student steekt in het participeren in het beleid zou ook gestoken kunnen worden in bijvoorbeeld een bijbaan of studie. Hier moet de onderwijsinstelling rekening mee houden.

Good practice: op een aantal Nederlandse hoger onderwijsinstellingen worden actieve studenten al beloond met een vrijwilligersbijdrage. Ook worden studenten soms in dienst genomen als studentassistent, zoals op de Hogeschool van Amsterdam.

Like to:

Studenten moeten ook willen participeren. Dit is afhankelijk van hoe verbonden studenten zich voelen met de onderwijsinstelling. Hierbij is het van belang dat studenten zich onderdeel voelen van de instelling. Het organiseren van sociale activiteiten al vanaf het begin van de studie kan hierbij helpen.

Good practice: op de HAN hebben ze de College Coins App ontwikkeld voor aankomende studenten. Met de app kunnen ze de HAN beter leren kennen voorafgaand aan het collegejaar. Op deze manier zet de instelling in op studentenbinding.

Enabled to:

Studenten moeten de mogelijkheid krijgen om te participeren. Dit betekent dat er groepen en activiteiten moeten worden georganiseerd waarin studenten hun ervaringen kunnen delen. Door verschillende mogelijkheden aan te bieden, kunnen alle studenten participeren op de manier dat past bij hun behoeftes en talenten.

Voorbeelden van verschillende soorten studentenparticipatie zijn:

  • Promotie/voorlichting (bijvoorbeeld bij open dagen)
  • Student- of studievereniging (bestuur of actief commissielid)
  • Studenten coachen / buddy
  • Onderwijsontwikkeling
  • Sociale activiteiten (organiseren van een uitje)
  • Administratief
  • Beleid (bijvoorbeeld medezeggenschapsraad)
  • Projectondersteuning

Good practice: op de TU Delft is in 2018, op initiatief van de universiteit, het platform Student Onbeperkt opgericht om meer feedback van studenten te ontvangen. Sinds maart 2020 is het platform autonoom geworden. Hierdoor worden ook activiteiten georganiseerd zoals gespreksavonden en lezingen.

Asked to:

Studenten moeten gevraagd worden om te participeren. Hierin is communicatie belangrijk. Stimuleren van participatie kan door het bieden van meerdere mogelijkheden om te participeren. Bijvoorbeeld het inzetten van online vragenlijsten of studenten direct benaderen om mee te praten tijdens overleggen. Op deze manier is er voor elke student een mogelijkheid om van zich te laten horen.

Good practice: een student van de Universiteit van Amsterdam vertelt in een interview met ECIO dat hij door de universiteit was gevraagd om overleggen met architecten bij te wonen over het ontwerp van een nieuwe campus. Op deze manier werd de stem van de student direct meegenomen in het toegankelijk maken van de universiteitsgebouwen.

Responded to:

Het is belangrijk dat er terugkoppelingen zijn naar de studenten. Dit geeft de studenten inzicht in wat er met hun input is gedaan. Soms kan er, om bijvoorbeeld praktische redenen, niet op een voorstel van een student worden ingegaan. Met het communiceren over deze redenen naar de student, voelt deze zich niet genegeerd. Op het moment dat studenten voelen dat zij genegeerd worden, zal het vertrouwen en de motivatie dalen en stoppen zij wellicht met participeren.

Good practice: tijdens een interview met een student van de Hogeschool Utrecht gaf zij aan erg tevreden te zijn met de samenwerking tussen het Powerplatform, waar zij onderdeel van uitmaakt, en de hogeschool. Ze vertelt over een klacht die het platform ontving over de online omgeving van de hogeschool. Deze veranderde plotseling en werd onoverzichtelijk. Vervolgens mocht het Powerplatform in gesprek met de manager ‘functioneel beheer’ om problemen als deze in de toekomst te voorkomen.

Bron:

Lowndes, V., Pratchett, L., Stoker, G. (2006). Diagnosing and Remedying the Failings of Official Participation Schemes: The CLEAR framework. Social Policy & Society , pp. 281-291.

Gerelateerde items

ECIO lanceert online community voor ervaringsdeskundige studenten

Medezeggenschap: wat kun je als student doen voor meer inclusief onderwijs?

Buddyprogramma met individuele begeleiding van studenten met een functiebeperking

Professionaliseringsworkshop voor betere begeleiding van studenten met een beperking