Inclusief op stage | Tips voor studenten met een ondersteuningsvraag

Ter voorbereiding, tijdens en afronding van een inclusieve stage

Inclusief op stage studenten

29 oktober 2021

Het is zover: de eerste stage staat voor de deur. Die uitdagende werkplek waar jij past, waar je je goed kunt ontwikkelen en waar mensen rekeninghouden met je ondersteuningsvraag. We geven je hierbij tips en oefeningen die jou daarbij kunnen helpen. Van vertel- en sollicitatietips tot het leren bepalen van de belastbaarheid. Aspecten waar jij tegenaan kan lopen. Oefeningen kunnen helpen de informatie te ordenen en laten je ontdekken waar jouw sterktes en zwaktes liggen.

Er zijn verschillende manieren om te ontdekken hoe je in elkaar steekt en wat je te bieden hebt. Waarschijnlijk ken je jezelf al aardig, maar toch kan het geen kwaad om een goede zelfanalyse te maken van je sterke en zwakke punten. Bekijk hieronder de oefeningen die je daarbij kunnen helpen.

In dit artikel belichten we de volgende topics:

Oefening: sterke en zwakke punten

Maak een overzicht van je persoonseigenschappen met je sterke en zwakke punten met de onderstaande twee vragen. Zo krijg je inzicht in welke eigenschappen je kunnen helpen in een nieuwe baan of stage, maar ook welke juist lastig zullen zijn. Als het moeilijk blijkt om jezelf een kritische spiegel voor te houden, vraag dan aan bekenden of zij jou kunnen omschrijven.

  1. Wat ben ik? (bijvoorbeeld zelfstandig)
  2. Wat ben ik niet? (bijvoorbeeld introvert)

Oefening: inzicht in vaardigheden op werkgebied

Werk de onderstaande punten uit op basis van je sterke en minder sterke punten en welke aanpassingen eventueel nodig zijn.

  • Punctualiteit
  • Communicatie
  • Verantwoordelijkheid
  • Computervaardigheden
  • Leiderschapskwaliteit
  • Tijdmanagement

Het is voor veel mensen lastig om een oordeel te geven over de eigen vaardigheden en kwaliteiten. Zeker als je voor het eerst op stage gaat of een baan zoekt in jouw vakgebied – waar je nog amper praktijkervaring mee hebt -, kan de onzekerheid toeslaan. Hoe weet  ik of ik bij de functie pas? Heb ik genoeg sociale vaardigheden? Of schort het soms aan mijn computerkennis? Om inzicht te krijgen in wat je kunt, is het raadzaam om te kijken naar wat je in het verleden allemaal al hebt gedaan. Dat hoeft niet perse in jouw vakgebied te zijn. Misschien had je een bijbaan waarin je graag initiatieven nam, of nam  je de leiding op je bij de sportvereniging. Dat zijn vaardigheden die kennelijk in je zitten   en die je kunt noemen tijdens je sollicitatiegesprek of in je brief. Ook behaalde successen  in cursussen of vakken tijdens de studie zeggen iets over jouw kunnen. Misschien blijkt uit werkgroepoverleggen dat vergaderen niet je sterkste punt is. Of dat bij lange colleges je aandacht snel verslapt. Er zijn activiteiten en bronnen genoeg waaruit je kunt putten om  je zelfkennis te vergroten.

Oefening: drijfveren

Nu je weet wat je kunt en hoe je bent, is het belangrijk om te ontdekken wat je nu precies zoekt in een stageplaats of een baan. Wat wil je eigenlijk? Aan welke voorwaarden moet jouw stage of baan voldoen?

Volgens de Amerikaanse organisatie- psycholoog en socioloog Edgar H. Schein zijn de onderstaande drijfveren ‘carrière-ankers’ die mensen hebben op carrièregebied. Wat motiveert jou om je werk goed te doen? Denk na over de drijfveren om je (leer)doelen inzichtelijk te krijgen. Deze helpen je ook om je motivatie te verwoorden.

  1. rijkdom
  2. normen en waarden
  3. creativiteit
  4. onafhankelijkheid
  5. zekerheid
  6. macht
  7. ergens goed in zijn
  8. sociale contacten
  9. status.

Bedenk wat voor jou de belangrijkste redenen zijn om te werken. Wat jou motiveert om je werk goed te doen. Dit kan helpen in het helder krijgen van je (leer)doelen en verwoorden van je motivatie. Ook in de zoektocht naar wat bij je past is het handig om je drijfveren te onderzoeken. Wil je er meer over weten? Er zijn diverse websites die gratis tests hebben ontwikkeld op basis van deze drijfveren van Schein. Een voorbeeld hiervan is 123test.

Oefening: Inzicht in jezelf en je mogelijkheden

Deze oefening kan toepassen om meer inzicht in jezelf te krijgen en wat je mogelijkheden zijn.

Spreek uit wat je vindt van de onderstaande punten.

  • Mijn sterke punten zijn …
    • Mijn droombaan is …
  • Oplossingen voor een succesvolle stage/baan zijn …
    • Knelpunten zijn …
    • Ik heb hiervoor nodig (wie) …

tekstwolken met de woorden: Mijn sterke punten zijn, mijn droombaan is, Oplossingen voor een succesvolle stage zijn, Knelpunten zijn, Ik heb hiervoor nodig (wie)

Begeleiding tijdens de stage of op het werk:

Naast meer inzicht in je zelf, helpt het je ook bij stagebegeleiding; het voor jezelf opkomen, om hulp durven vragen, je eigen grenzen bewaken en eventuele knelpunten in het contact met de begeleider.

Spreek uit wat je vindt van de onderstaande punten.

  • Mijn sterke punten zijn …
    • Knelpunten zijn …
  • Oplossingen voor de begeleiding zijn …
    • Ik heb hiervoor nodig (wie) …

tekstwolken met tekst: mijn sterke punten, knelpunten, oplossingen, wie heb ik hiervoor nodig? stage

Organisatiecultuur

Misschien heb je er nog nooit zo concreet over nagedacht, maar het is belangrijk om te weten in welk type organisatie je graag zou willen werken. Denk na over de onderstaande vragen die je jezelf kunt stellen om erachter te komen in welk type organisatie jij je thuis zou voelen.

  • Spreekt een commercieel bedrijf jou aan of juist een non-profit-instelling?
  • Zou je het liefst werken in een groot bedrijf, of in een kleinschalige setting?
  • Wil je graag doorgroeien, veel opleidings- mogelijkheden of extra begeleiding?

Oefening: Uitwerken netwerkkaart

De netwerkkaart is verdeeld in zes rubrieken. Werk deze uit in een matrix:

De eerste vijf rubrieken vul je in vóór je iemand uit je netwerk gaat benaderen:

  1. Wie: noteer wie je uit je netwerk benadert en diens
  2. Gegevens: noteer het telefoonnummer en/of
  3. Waarvoor: vermeld de reden waarom je deze persoon benadert (bijvoorbeeld leuke functie, op zoek naar stage/baan).
  4. Wat: noteer welke vraag/vragen je aan je netwerkpersoon gaat
  5. Hoe: noteer je hoe je deze persoon benadert (bellen, mailen, spreken).
  6. Resultaat: deze laatste rubriek vul je in als je de persoon benaderd hebt. Noteer het resultaat van je actie. Wat is er uit gekomen? Bijvoorbeeld: vervolgafspraak, bekend bij wie je moet zijn bij een bepaald

 

Tip: Check onbelemmerdstuderen.nl voor informatie over onder andere (financiële) regelgeving, mogelijkheden voor voorzieningen, begeleiding en contactpersonen die je kunnen helpen op jouw onderwijsinstelling of bij het vinden van stage of baan.

Tips voor het vinden van een passende stage

  • Maak gebruik van netwerken. Kijk bijvoorbeeld op verschillende sociale mediakanalen waarbij je kan aansluiten.
  • Op veel scholen zijn platforms van studenten met een beperking actief en/of is er een stagebureau/career center die passende stages aanbiedt.
  • Bekijk het overzicht van stageaanbieders op onbelemmerdstuderen.nl.
  • Maak voor jezelf een netwerkkaart. Zie de oefening hiervoor bovenaan op deze pagina.
  • Wil je werkgevers laten zien dat jongeren met een beperking, waardevolle werknemers zijn? Dat kan door deelname aan het project Maatschappelijke DienstTijd (MDTL). Hiermee vergroot je ook nog eens je loopbaankansen! Aanmelden om alvast wat extra ervaring op te doen, kan op mdt-loopbaankansen.nl.
  • Kijk op Realistenacademie 2.0 waar je training kunt krijgen om je persoonlijke én professionele vaardigheden kunt vergroten. Dit kan je eenvoudig doen naast je studie. Ook kan je je hier aanmelden als buddy om studenten met een ondersteuningsvraag te helpen. Dit is een mooie aanvulling voor op je cv.

Tips voor het solliciteren naar een stage

Werkgevers en stagebedrijven hebben niet altijd evenveel ervaring met studenten met een ondersteuningsvraag. Misschien hebben zij vooroordelen of durven ze het simpelweg niet aan. Er zijn verschillende redenen waarom je wel of niet zou vertellen over je beperking. Dat is heel persoonlijk en afhankelijk van veel factoren. Er is geen gouden regel, geen algemeen geldend advies.

  • Je bent niet verplicht meteen al te vertellen over je beperking of aandoening, tenzij bij voorbaat duidelijk is dat je door je gezondheid bepaalde taken uit de functie niet kunt uitvoeren, of daarvoor bepaalde voorzieningen nodig hebt.
  • Wil je toch al laten doorschemeren dat je een functiebeperking hebt, dan kan dat eventueel in je cv. Bijvoorbeeld door bij je hobby’s te vermelden dat je aan rolstoeltennis doet, of dat je voorzitter bent van de vereniging voor astmapatiënten. Je schept daarmee de gelegenheid voor de ander om ernaar te vragen en haalt voor jezelf wat druk weg. Vind je het niet relevant of prettig om in je cv te vermelden dat je dergelijke activiteiten onderneemt, dan doe je dat uiteraard niet.
  • Benadruk in je cv wat je zoal doet of hebt gedaan aan nevenactiviteiten naast je studie. Bijvoorbeeld: vrijwilligerswerk, cursussen, hobby’s, betrokkenheid bij een vereniging of bijzondere talenten die je hebt.
  • Neem een actieve houding aan als je tijdens het sollicitatiegesprek wilt vertellen over je ondersteuningsvraag. Zorg ervoor dat je niet ondersteuningsvraag centraal staat maar jouw competenties. Vragen over je gezondheid of ziekteverleden hoef je niet te beantwoorden. Wat je wel kan toelichten is hoe vaak je ziek/niet aanwezig bent, je het werk wel aankan en of het geld kost als ze je aannemen.

Tips voor tijdens het sollicitatiegesprek

  • Wees kort en bondig
  • Maak er geen ‘cliffhanger’ van (dus: niet wachten tot het moment zich aandient).
  • Wees concreet
  • Wees assertief
  • Verwijs naar relevante wet- en regelgeving
  • Kom met oplossingen, benadruk je mogelijkheden
  • Geef aan wat voor aanpassingen en/of voorzieningen je nodig denkt te hebben. Licht deze toe en waar je deze kunt krijgen
  • Oefen het vertellen over je beperking tijdens het gesprek met anderen (bijvoorbeeld je ouders, vrienden of docent).

Tips bij de voorbereiding van je stage

  • Als stagiair krijg je een contract. Hierin staan de afspraken over de duur van het contract, de eventuele betaling en andere afspraken over je werkzaamheden. Als je aangepaste werkuren, en bijvoorbeeld voorzieningen, hebt afgesproken in verband met je  ondersteuningsvraag, laat dit dan in het contract opnemen. Duurt je stage officieel drie maanden maar weet je niet of die termijn wel haalbaar is voor jou, laat ook dit dan vastleggen. Zo is voor alle partijen helder wat je van elkaar kunt verwachten. Bij je beoordeling kunnen dergelijke afspraken van groot belang zijn.
  • Check de mogelijkheid voor jouw voorzieningen op onbelemmerdstuderen.nl.
  • Lees de ervaringsverhalen van studenten die op stage zijn geweest.
  • Lees ook de tips ‘studieproces in kaart‘ met informatie over de verschillende sleutelmomenten tijdens je studie, waaronder stage lopen.

Tips voor oplossingen/aanpassingen bij mogelijke knelpunten tijdens de stage

Het kan zijn dat er extra tijd voor de stage, extra inzet vanuit de onderwijsinstelling en/of flexibele werktijden vanuit het stagebedrijf nodig zijn. Hieronder volgt een lijst met mogelijke knelpunten en oplossingen of aanpassingen.

Aanpassing van werktijden:

  • Minder uren per dag/week, meer pauzes of meer uren besteden aan de stageopdracht.

Aangepaste taken van de stageopdracht:

  • Minder taken door bijvoorbeeld belastende taken weg te laten
  • Meer taken voor meer uitdaging of afwisseling en verbreding van de inzetbaarheid
  • Taakroulatie.

Begeleiding/aansturing:

  • Extra overleg met de stagebegeleider/leidinggevende
  • Extra begeleiding tijdens de stage
  • Intervisie of supervisie ter verbetering van de functie-uitoefening
  • Externe intervisie of coaching, bijvoorbeeld jobcoaching of door de stagebegeleider van de onderwijsinstelling.

Tips voor stagebegeleiding vanuit je onderwijsinstelling

  • Bespreek voordat je op stage gaat de voorzieningen en begeleiding die je nodig hebt. De studentendecaan kan je zo nodig doorverwijzen naar instanties binnen of buiten de opleiding. Extra ondersteuning kun je bij je universiteit of hogeschool aanvragen via de studentendecaan.
  • Als je verwacht dat jouw ondersteuningsvraag van invloed is op je stageverloop, is het goed dit alvast met je begeleider te bespreken. Zo kun je vooraf al oplossingen bedenken en duidelijke afspraken maken.
  • Bedenk ook wat je aan begeleiding verwacht en nodig hebt voor de contactmomenten.
  • Zet op papier op welke aspecten je wordt beoordeeld.

Tips voor stagebegeleiding vanuit het bedrijf

  • Kennismaking tussen jouw stagebegeleider en je stagebedrijf kan ook plaatsvinden voordat de stage begint: dit kan drempelverlagend werken voor de verdere communicatie tijdens je stage.
  • De genoemde punten voor begeleiding vanuit school gelden ook hier.
  • Evalueer de voortgang met een tussentijds gesprek. Zodat je zelf nog kan bijsturen als het niet goed lijkt te gaan. Zo kom je ook niet voor een onverwachte onvoldoende te staan en werk je samen aan een succesvolle stage.
  • Doe de oefening, zie bovenaan op deze pagina, over begeleiding tijdens de stage. Het helpt je om voor jezelf op te komen, om hulp te durven vragen, je eigen grenzen te bewaken en eventuele knelpunten in het contact met de begeleider bespreekbaar te maken.

Tips voor de stage-opdracht

  • Bekijk vooraf goed met je stage- of loopbaanbegeleider welke opdracht je meekrijgt op je stage, aan welke eisen je moet voldoen als je klaar bent. De stage-opdracht is misschien voor jou niet letterlijk uit te voeren, omdat je een functiebeperking Bekijk dan samen met je begeleider op de opleiding en de werkplek hoe je wel aan de stage-eisen kunt voldoen. Met een beetje creativiteit en flexibiliteit is er altijd een oplossing te bedenken. Misschien heb je een doventolk nodig omdat je een eindpresentatie moet geven, of mag je iemand inhuren om je stageverslag uit te typen als je bijvoorbeeld dyslexie of RSI hebt.

Tips voor tijdens de stage

Als iemand weinig weet van jouw ondersteuningsvraag en de gevolgen voor je functioneren, kan het zijn dat aangepaste werkzaamheden of flexibele arbeidstijden niet worden begrepen. Neem hierbij altijd een actieve, zelfstandige en positieve houding aan.

  • Wacht niet af totdat de ander je begrijpt maar maak zelf je omgeving bekend met het probleem. Stap zelf op je begeleider of collega af. Praat open over je beperking en wees er niet verlegen mee.
  • Als je jezelf als zelfstandig profileert, houd je ook meer de touwtjes in handen.
  • Anderen positief tegemoet treden gaat vaak beter als je jezelf accepteert zoals je bent met je beperkingen.
  • Bedenk: je kunt zelf een bijdrage leveren aan de strijd tegen de negatieve beeldvorming over studenten met een ondersteuningsvraag.
  • Humor werkt vaak Je stelt mensen ermee op hun gemak en neemt barrières weg.
  • In overleg met je begeleider zou je een korte informatiebijeenkomst kunnen organiseren voor je directe collega’s (bijvoorbeeld tijdens de lunch). Je bereikt dan in één keer iedereen die daar behoefte aan heeft en hoef je je ‘verhaal’ maar één keer te vertellen. Wel zo efficiënt!
  • Je wilt je uiterste best doen en misschien wel bewijzen dat je het echt kunt. Om te zorgen dat je belastbaarheid niet verder afneemt, is het belangrijk om je eigen grenzen te bewaken. Natuurlijk is het niet erg om een keertje over te werken of door te gaan terwijl je eigenlijk te moe bent, maar doe dit niet structureel. Trek dus op tijd aan de bel als de verwachtingen te hoog blijken. Geef dit aan bij je stagebegeleider op de werkplek en de opleiding. Zodat ze tijdig kunnen ingrijpen om te zorgen dat je stage alsnog succesvol afrondt.

Tips voor stage in het buitenland

Wil je graag stage lopen in het buitenland of is dat zelfs een verplicht onderdeel van je studie? Er zijn mogelijkheden genoeg, ook voor studenten met een ondersteuningsvraag.

  • Vraag advies bij Bureau Buitenland of International Office van jouw opleiding. Zij kunnen je informeren over buitenlandbeurzen, zoals via het Europese programma Erasmus+. Vaak is extra budget beschikbaar voor jouw ondersteuningsvraag.
  • Maak van te voren een lijst van voorzieningen die je nodig hebt. Van  aankleedhulp tot vervoersregelingen, van toegankelijkheid van gebouwen tot regels over bijvoorbeeld huisdieren in je studentenflat.
  • Informatie over voorzieningen van onderwijsinstellingen in Europa vind je op inclusive mobility.eu.
  • Zorg dat je goed verzekerd bent voor zorg in het buitenland. Kun je hulpmiddelen eventueel laten vervangen of repareren als je in het buitenland verblijft? Neem ruim op tijd contact op met je verzekeraar om uit te zoeken waar je precies recht op hebt. Als je een persoonsgebonden budget (PGB) hebt, is het raadzaam even te bellen met je zorgkantoor.